Hoe moet de multinational die gevestigd is in Nederland of elders binnen de EU, omgaan met het plan voor een Europese vennootschapsbelasting (“CCCTB”)?

Hoewel het onwaarschijnlijk lijkt dat de Europese Commissie in staat zal zijn om de twee door haar voorgestelde richtlijnen voor de invoering van één Europese vennootschapsbelasting (de CCCTB) vóór de geplande invoeringsdata van 1 januari 2019 en 1 januari 2021 goedgekeurd te krijgen, moeten multinationals de voorstellen wél serieus in overweging nemen en nagaan hoe dit op termijn hun Europese bedrijfsactiviteiten en vennootschapsbelasting zal beïnvloeden.

Common Consolidated Corporate Tax Base of CCCTB: hoe zat het ook alweer?

De Europese Commissie deed op 16 maart 2011 een eerste voorstel voor een Common Consolidated Corporate Tax Base (hierna: “CCCTB”) ook wel: een gemeenschappelijke en geconsolideerde vennootschapsbelasting voor ondernemingen in alle lidstaten van de EU. Nu dit voorstel om direct tot een geconsolideerde vennootschapsbelasting te komen te ambitieus leek, deed de Europese Commissie op 25 oktober 2016 een nieuw voorstel, ditmaal voor een gefaseerde invoering van een gemeenschappelijke en uiteindelijk geconsolideerde vennootschapsbelasting. Het laatste voorstel van de Commissie strekt tot invoering van twee richtlijnen voor i) een Common Corporate Tax Base (CCTB) en ii) de uiteindelijke Common Consolidated Corporate Tax Base (CCCTB). Beide richtlijnen van de Commissie hebben als uiteindelijk doel te komen tot een gemeenschappelijke en geconsolideerde vennootschapsbelasting in alle lidstaten van de Europese Unie.

Wat houdt die CCCTB nu eigenlijk in?

Met de uiteindelijke invoering van de Common Consolidated Corporate Tax Base (CCCTB) beoogt de Commissie een transparanter, efficiënter en eerlijker systeem voor de berekening van de heffingsgrondslag van grensoverschrijdende vennootschappen tot stand te brengen. Zij tracht door die invoering de bestaande problematiek omtrent transfer pricing (verrekenprijzen) tussen belastingplichtigen op te lossen. Het plan voor de CCCTB komt – kort gezegd – neer op een verdeling van de winst over alle lidstaten van de Unie door middel van een verdeelsleutel (ook wel: sharing mechanism). De lidstaten mogen de uiteindelijke belasting van de winsten wel in eigen hand houden en iedere lidstaat kan daarbij dus ook zijn eigen tarief blijven hanteren. In de Verenigde Staten wordt deze wijze van belasting heffen tussen de verschillende staten door middel van een verdeelsleutel, al langer gebruikt. Daarbij wordt gebruik gemaakt van een vaste formule met 3 elementen: de som van alle activa, de loonkosten en de omzet.

Wat is de huidige status van de CCCTB?

Op 15 maart 2018 is door het Europees Parlement tijdens een plenaire zitting een zogenaamde wetgevingsresolutie  aangenomen met amendementen op het voorstel van de Europese Commissie van 15 oktober 2016. Het Europees Parlement, dat om de vijf jaar rechtstreeks door de burgers van de Europese Unie wordt gekozen, debatteert op basis van voorstellen van de Europese Commissie en kan daarbij wijzigingen voorstellen. Daarna neemt het Europees Parlement samen met de Raad van de Europese Unie – waarin de regeringen van alle 28 lidstaten zijn vertegenwoordig – een beslissing over die voorstellen. Elke lidstaat kan via de Raad dus invloed uitoefenen op die te nemen beslissing. Als de Raad er niet in slaagt een unaniem besluit over het voorstel tot invoering van een CCCTB te nemen, dan zal de Europese Commissie een nieuw voorstel moeten indienen.

De invoering van een CCCTB moet er, na invoering in alle EU lidstaten, volgens het Parlement voor zorgen dat er belasting wordt betaald waar de winsten worden gegenereerd en waar bedrijven een vaste inrichting hebben. De invoering van een CCCTB zou de economische groei bevorderen en tot meer werkgelegenheid in de Unie leiden door minder schadelijke belastingconcurrentie tussen bedrijven.

Hoe dient de CCCTB volgens het Europees Parlement te worden vormgegeven?  

Waar het laatste voorstel van de Commissie uitging van een gefaseerde invoering van eerst i) de CCTB en daarna ii) de CCCTB, is het Parlement van oordeel dat deze gelijktijdig in werking moeten treden.

Een andere belangrijke wijziging van het Parlement is de begindrempel voor deelnameverplichting aan de CCCTB. De Commissie stelde voor om een drempel voor CCCTB deelname in te voeren op basis van het totale geconsolideerde inkomen van een groep die een geconsolideerde jaarrekening opstelt. Het Parlement stelt die drempel op basis van het totale geconsolideerde inkomen van een zodanige groep op 750 miljoen euro en bepaalt bovendien dat die drempel over een periode van zeven jaar tot nul moet worden verlaagd. Dat zou dus betekenen dat alle ondernemingen die in een van de lidstaten van de EU zijn gevestigd in ieder geval 7 jaar ná de invoering van de CCCTB, aan die richtlijn zullen moeten voldoen ongeacht of zij tot het klein, midden of grootbedrijf behoren. Die omschakeling naar een gemeenschappelijke heffingsgrondslag voor de vennootschapsbelasting mag volgens het Parlement voor de kleine en middelgrote ondernemingen overigens geen concurrentienadeel opleveren.

Vond de Commissie nog dat de formule voor de evenredige toewijzing van de geconsolideerde heffingsgrondslag moest worden bepaald aan de hand van de drie zelfde criteria als in de VS, namelijk arbeid, activa en omzet op basis van bestemming, het Europees Parlement voegt daaraan nog een extra factor toe. De vierde factor op grond waarvan de formule moet worden vormgegeven en die hetzelfde gewicht heeft als de drie eerder genoemde factoren, betreft het ‘verzamelen en gebruiken van persoonsgegevens van gebruikers van online platforms -diensten’. Dit noemt het Parlement de “factor gegevens”.

De factoren arbeid en activa uit de formule dienen te worden toegerekend aan de lidstaat waar de arbeid wordt verricht of waar de activa zich bevinden om zo rekening te houden met de belangen van de lidstaat van herkomst, terwijl verkopen aan de lidstaat van bestemming van de goederen of diensten worden toegerekend. Om met loonverschillen binnen de Unie rekening te houden, moet de factor arbeid zowel loonkosten als het aantal werknemers omvatten waarbij elk voor de helft meetelt. Verder dient de factor activa alleen materiële activa te omvatten en geen immateriële en financiële activa vanwege de mobiele aard daarvan en het risico dat de voorschriften uit de richtlijn omzeild zouden kunnen worden.

Wat betekent dit op korte termijn voor ondernemingen in NL of de EU?

Hiervoor hebben we kunnen zien dat door het Europees Parlement wijzigingen zijn aangebracht aan het voorstel van de Commissie. Het is nu aan de Raad van de Europese Unie om te beslissen over dit voorstel. Doet zij dit unaniem dan is het voorstel aangenomen en zal een datum voor inwerkingtreding van de CCCTB richtlijn moeten volgen. Beslist de Raad niet unaniem dan zal het opnieuw aankomen op een ander of hernieuwd voorstel van de Europese Commissie.

Hoewel het met 28 verschillende lidstaten niet waarschijnlijk lijkt om tot een unanieme beslissing te komen, heeft de Commissie ditmaal wel betere kaarten in handen, bijvoorbeeld vanwege de vele recente belastingschandalen. Het voorstel uit 2011 werd echter aan flarden gescheurd door veel lidstaten, waaronder Nederland. De bemoeienis van de EU bij belastingen blijft immers een gevoelig onderwerp en ook nu zal de discussie niet eenvoudig zijn. Een van de grootste tegenstanders van het voorstel uit 2011 was het Verenigd Koninkrijk. Door de Brexit is die tegenstander in ieder geval van tafel, maar blijven er nog 27 lidstaten over die een beslissende stem uit kunnen brengen.

Concluderend zal er voor ondernemingen binnen en buiten Nederland in de zeer nabije toekomst dus nog niets veranderen. Het is überhaupt de vraag of de CCCTB er ooit zal komen en er zal ook in die situatie nog veel moeten worden besloten en geïmplementeerd voordat de precieze invulling ervan duidelijk wordt. In ieder geval is duidelijk dat de CCCTB áls die er komt, zeer grote gevolgen heeft voor de belastingheffing van multinationals en – weliswaar pas zeven jaar na de invoering – óók voor iedere andere onderneming binnen de Europese Unie. Ondernemingen doen er dus verstandig aan om de ontwikkelingen rondom de Common Corporate Consolidated Tax Base nauwgezet in de gaten te houden.

Deel dit artikel op social media!
This entry was posted in Artikel and tagged , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *